De Groote of Hondsbossche Zeesluis

 

Geschiedenis van de Groote of Hondsbossche sluis Zaandam.

Op initiatief van Hoogheemraadschap de Hondsbossche en Duinen tot Petten werd in 1544 een sluis gebouwd in de dam in de Zaan. De reden was dat zij verzekerd wilden zijn van een onbelemmerde aanvoer van bouwmaterialen voor de bouw van de Hondsbossche zeewering. De benodigde gelden van deze sluis werden bijeen gebracht door het Hoog­heemraadschap, de stad Alkmaar en de banne van Westzanen. In ruil hiervoor kregen alle inwoners van deze geldschieters een kosteloze doorvaart zolang de sluis zou bestaan.

Aan deze kosteloze doorvaart kwam in 1722 een eind omdat toen de sluis werd vervangen door de nieuwe Groote Sluis met de afmetingen van 28 meter lang, 5,10 meter breed en een diepte van 2,60 beneden A.P.

De werkzaamheden kosten meer geld dan het Hoogheemraadschap aanvankelijk had begroot, maar het mocht blijkbaar toch iets kosten. Ter verfraaiing en als kroon op het kunstwerk worden er twee wapenstenen geplaatst, voorstellende de wapens van de Hondsbossche en van de Dijkgraaf en Heemsraden.

De wapenstenen zijn gemaakt door de Alkmaarse beeldhouwer Jacob van der Beek.

Voor de passage van de sluis moest men schutgeld betalen. Om de betalingen te innen werd dit verplacht. De pachter moest jaarlijks een vast bedrag afdragen aan het Hoog­heemraadschap, ongeacht het aantal geschutte schepen. Ergo, het aantal geschutte schepen minus de afdracht aan het Hoogheemraadschap vormde het inkomen van deze pachter. Vooral in de Franse tijd, 1795 – 1813, nam het aantal schuttingen behoorlijk af waardoor de pachter in armoede verviel.

Door de komst van het Noordhollandskanaal, 1824, en het groter van de schepen werd het steeds duidelijker dat de Groote Sluis te klein werd, ook het belang voor de Hondsbossche in deze sluis bestond niet meer. Wel had de Kamer van Koophandel van de gemeente Zaandam belang bij een sluisverbinding tussen de Voor- en Achterzaan, even als bij het verder uitdiepen hiervan. In 1853 startte de eerste gesprekken om pas in 1880 tot een voorstel te komen voor verbetering van de Groote Sluis. Parallel aan deze bespreking liepen de gesprekken tussen de Hondsbossche en het Hoogheemraadschap der Uitwateren­de Sluizen in Kennemerland en West-Friesland; de Hondbossche had er geen scheepvaart belang meer bij maar het Hoogheemraadschap wel voor de waterbeheersing.

Dit resulteerde in de verkoop aan de laatste in 1884 voor een bedrag van 30.000. De gemeente Zaandam was in deze dus gepasseerd. Wel hebben de gezamenlijke Zaan­gemeenten een jaar later nog geprobeerd om de sluis te verkrijgen maar met Uitwate­rende Sluizen viel niet te onderhandelen; noch over overname noch over vergroting.

Er zat niets anders op dan een geheel nieuwe sluis te bouwen. Tot tweemaal toe werden de plannen door de toenmalige minister van Waterstaat, Ir. Cornelis Lely, afgekeurd, o.a. omdat deze te klein was. Pas het derde plan werd goedgekeurd en resulteerde in 1903 in opening van de Wilhelminasluis.

In1965 is de sluis buitengebruik gesteld maar in 2014 weer in gebruik genomen i.v.m. de renovatie van de Wilhelminasluis.

In 2017 is de sluis overgedragen aan de Gemeente Zaanstad, echter de brug over de sluis is nog steeds van het Hoogheemraadschap.

Bronnen: Wikipedia, ZaanWiki

Tekstvak: Tekst op de steen

ONDER HET DIJKGRAAFSCHAP
VAN MR J.A. KLUPPEL
DEN 21 JUNI 1845 IN VIER DAGEN
MET SCHOTTEN GESLOTEN EN DROOGGEMAAKT
DOOR DEN BOUWMEESTER JAN LEGUIT TE ZAANDAM
EN VOORTS NA HET AANBRENGEN DER EBDEUREN
DEN 15 AUGUSTUS 1845 TER DOORVAART
IN VIER UREN TIJDS GEOPEND
SEDERT 1724 WAS DEZE SLUIS NIET DROOG GEWEEST

 

In de sluis is een gevelsteen aangebracht naar aanleiding van de droogzetting in 1845

 

 

Op de hoofden van de sluis staan vier wapenstenen, één op ieder sluishoofd.

De wapenstenen aan de kant van de Voorzaan zijn geplaatst bij het aanleggen van de sluis in 1722.

De maker van deze sluisstenen is de Alkmaarse beeldhouwer Jacob van der Beek en hebben inmiddels bijna drie eeuwen doorstaan.. Op de voorzijde (dus bij het binnenvaren van de sluis) staan de wapens van dijkgraag Jan Adriaan van Egmond van de Nijenburg en die van het Hoogheemraadschap. Op de achterzijde de wapens van de hoogheemraden en de rentmeester

 

 

Ook landelijk is er veel aandacht voor de instandhouding van monumentale maritieme kunstwerken.

De stichting Historische Sluizen en Stuwen Nederland (HSSN) zet zich in voor de instandhouding van monumentale sluizen en stuwen.

Zij zijn het behouden waard, maar in de praktijk blijkt dat kennis over deze monumenten onvoldoende is om waardevolle objecten te herkennen, te restaureren en weer een (nieuwe) functie te geven. Om deze reden is in 2006 de stichting HSSN opgericht.

De HSSN bundelt bestaande kennis, spoort nieuwe informatie op en zet zich in voor verspreiding daarvan. En dat gaat niet alleen over de objecten, maar ook over restauratietechnieken, functiewijzigingen en beheervraagstukken.

 

Informatie over deze stichting en haar activiteiten vindt u op:

De wapenstenen aan de zijde van de Achterzaan, stonden eerst op de sluishoofden van de Duiker­sluis aan de Voorzaan. Deze werden in opdracht van het heemraadschap op de uitwaterende sluizen te Edam aangebracht.

Deze wapenstenen werden door de Alkmaarse beeldhouwer Cresent gemaakt met de gebruikelijke wapens van de dijkgraaf en hoogheemraden.

De beeldhouwer voegde daarbij ook Neptunes met een viertand, de Habsburgse keizerskroon met een tweekoppige adelaar (De Nederlanden maakten tot 1555 deel uit van het Habsburgse Rijk onder Karel V) en Nereïden die als waternimfen op kinkhoorns (gedraaide schelp van zeeslakken) blazen.

In 1903 werden de Duikersluis met de zogenoemde Kleine Sluis gesloopt ten behoeve van de bouw van de Wilhelminasluis. De wapenstenen zijn verplaatst bij de kop van de Wilhelminasluis. Echter door de komst van de Beatrixbrug over de Achterzaan in 1958 moesten de stenen wederom verplaatst worden, nu naar hun huidige plek op de Groote Sluis.

Meer historische informatie over de sluis is te lezen in het boek van  “De Hondsbossche Steenen Schutsluis te Zaandam van W.C. Thijjsen.

Klik op de link om naar het Tijdschriften Regionaal Archief Alkmaar te gaan. Archief Alkmaar